ARTIKEL UIT Kerkbode








nummer


28

datum uitg.


14-JUL-2006

thema


Wie is toch deze persoon? vlgnr 2


Blokkades in de relatie met God - Hans Roosenbrand

“Of ik iets over blokkades in de omgang met de persoonlijke God wil of kan schrijven, in het kader van een artikelen reeks in de kerkbode over ‘Wie is toch deze Persoon?’
Deze vraag werd mij gesteld door een van de predikanten. Een duidelijke vraag, een vraag die de geloofsbeleving van velen raakt, een vraag ook die volgens mij velen zichzelf stellen of misschien wel een vraag waar velen onder gebukt gaan. En niet in de laatste plaats een vraag die ook mijn leven regelmatig kleurt.


Als dit soort verzoeken mij ontmoeten, raak ik altijd wat verlegen, bescheiden…: aan de ene kant boeit de vraagstelling mij maar aan de andere kant wil ik niet de suggestie wekken dat alles verklaard, gezegd en opgelost kan worden en zeker niet de indruk wekken dat ik weet hoe dit zit of werkt enz. Zoveel mensen, zoveel persoonlijke ervaringen, zoveel mensen zoveel persoonlijke geloven. Als ik een toost uitbreng, doe ik dat nogal eens met de woorden: ‘op de jongste dag’.
Daarmee wil ik aan de ene kant aangeven dat ‘het’ ooit allemaal helemaal goed zal zijn en aan de andere kant dat ik ‘het’ allemaal niet zo goed weet. H. Nouwen heb ik eens horen antwoorden op de vraag die hem werd gesteld wie God voor hem was: “ Ik ken God niet ten volle, God is te groot voor mij, ik zal Hem nooit volledig kunnen kennen, ik ben een mens, God is te groot voor mij”. Ik vond dat een wijs antwoord van een wijze man, een man die Prof. Dr. voor zijn naam had staan in verband met zijn theologie en psychologie studies. Hij kon veel zeggen en tegelijk veel niet vatten.
Binnen deze context wil ik het een en ander schrijven over het verzoek aan mij gericht; ik wil hier enige persoonlijke wijsheden over schrijven maar zeker geen waarheden, ik heb sommige persoonlijke wijsheden in mij ( die wellicht door anderen worden herkend) maar niet de waarheid in pacht.

Een voorbeeld

Een tijdje geleden had ik contact met een predikant die graag wilde dat ik een aantal keer hem begeleidde in het stilstaan bij de manier waarop hij werkte, supervisie noemen we dat, dat klinkt ook wat acceptabeler dan therapie. In verband daarmee gaf ik de opdracht mee voor de volgende sessies een paar persoonlijk voorbeelden uit zijn praktijk waar hij het over wilde hebben mee te nemen. Hier volgt er een:

“Ik heb al een hele tijd contact met een vrouw uit de gemeente, incesttoestanden, kinderen met ADHD en dat soort dingen, ik heb al heel wat gesprekken met haar gehad maar het loopt allemaal niet zo. Zij ervoer veelal een muur tussen zichzelf en God. Toen ik haar zei dat die muur tussen haar en God wel weg moest, reageerde zij met: ja hoor is dat ook nog mijn schuld, ik antwoordde toen: nee het is niet jouw schuld maar de schuld van jouw verleden maar die muur moet wel weg. Het contact blijft moeizaam, wat moet ik hiermee?”

Dit is een aardig voorbeeld van in de praktijk voorkomende situaties waarin mensen elkaar niet begrijpen of bereiken. De predikant communiceert vooral vanuit hoe ‘het hoort te zijn’ de mevrouw. Communiceert vooral vanuit hoe 'het' is.
Het ligt voor de hand dat dit contact niet ‘loopt’. Kennelijk gedraagt deze mevrouw zich ook wat afhankelijk van haar predikant; hij moet veel weten en vertellen wat zij niet weet. Zij wordt boos, maar die boosheid loopt ook een beetje dood.
Zij voelt zich schuldig en kan er tegelijk niets mee of ze ervaart dat haar predikant haar schuld toebedeelt en komt daar ook niet verder mee. Mijn belangrijkste suggestie aan de predikant was in dit geval: kijk eens of je haar wel echt begrijpt ( bv. hoe incest haar leven heeft beÔnvloed en nog steeds, hoe het is om een ADHD kind te hebben) en zet je oordelen en verantwoordelijkheidsgevoel eens aan de kant. Maak maar eens echt contact met haar. Zijn reactie begon met; “ja maar…”.

Hoe moeizaam loopt intermenselijk contact vaak, terwijl wij elkaar nog kunnen zien, aankijken, horen, aanraken enz. Kun je nagaan hoe moeizaam contact tussen een mens en God kan zijn, God die je niet kunt zien, horen of aanraken.
Een paar veel voorkomende verschijnselen die hierin een rol kunnen spelen wil ik wat nader toelichten.

Opvattingen over God

Als we met God omgaan (of vinden dat we met Hem om moeten gaan) komen we daarin allerlei opvattingen tegen. Opvattingen die we zelf hebben gecreŽerd, of meegekregen van thuis of elders. Bijvoorbeeld de opvatting: ‘God ziet alles hoor!’, of ‘eens zul je over al je daden verantwoording moeten afleggen!’. Er zijn wel meer van dit soort opvattingen. Deze opvattingen maken bang en veroorzaken schuldgevoel. God wordt zo een God om bang voor te zijn. Wel erg moeilijk om met zo’n God een persoonlijke relatie te ervaren, meestal kom je niet verder dan je eigen schuldgevoel en tekortkomingen ervaren.
Ander soort boodschappen die regelmatig op ons afkomen: ‘lees je wel trouw in de Bijbel?, Hoe zit het met jouw persoonlijk geloof, leg je wel alles aan de Heere voor?, Bid je wel genoeg? Laat je je kinderen wel het goede voorbeeld zien, ga je wel uit van de doopbelofte?’ Enz. Deze opmerkingen (beter kun je ze beschuldigingen of verdachtmakingen noemen) veroorzaken ook weer opvattingen over God: van God moet je dus veel. God is een God die veel eisen stelt en je kunt het natuurlijk schudden als je niet aan al die eisen voldoet. Ook hier is het erg moeilijk om een persoonlijke relatie met God te ervaren.

Persoonlijke ervaringen

Behalve allerlei opvattingen die onze verwondering over God’s liefde in de weg kunnen staan, kunnen ook persoonlijke ervaringen ‘in de weg staan’.
Jarenlang misbruik in het verleden of nog in het heden, een zeer strenge opvoeding waarin geen plaats voor liefde maar alleen voor straf was, je kind hebben verloren aan een ongeval of ziekte, je scheiding die er van kwam terwijl je daar niet voor getrouwd bent, je miskraam terwijl je zo verlangde, je zakken voor je examen terwijl je dacht dat je zo goed je best had gedaan, je ontslag dat zo onredelijk was… en vul maar aan. Kortom: we ervaren in ons persoonlijk leven pijnlijke dingen die we niet kunnen plaatsen in bijvoorbeeld het licht van Gods liefde, of Gods almacht (waarom heeft Hij dit dan niet voorkomen of laten gebeuren, kortom: waar was God?)
Deze vraag die we met betrekking tot persoonlijke ervaringen stellen, heeft de neiging om in de tegenwoordige tijd gesteld te gaan worden: waar is God nu? Ik merk het nergens aan, ik zie het niet, enz. Heel begrijpelijke en menselijke vragen die getuigen van pijn, teleurstelling, boosheid, angst, enz. En dus ook als zodanig benaderd dienen te worden in plaats van ze te bestrijden.

Introjecten

Een ander soort 'sta in de weg' zou ik introject willen noemen: een introject is iets dat we hebben geslikt zonder te proeven. En net zoals bij echt voedsel ga je dat op een gegeven moment merken; je wordt er misselijk of ziek van en wilt het uitkotsen. Psychisch werkt dat net zo; al vroeg hebben we geleerd dat we op een bepaalde manier moeten denken en dat hebben we voor waar aangenomen. Onze ouders zeiden dat bijvoorbeeld en omdat we alle vertrouwen in hen hadden, was er geen reden om aan hen te twijfelen en namen alles voor waar aan. Een paar voorbeelden:
∑ een man huilt niet;
∑ vrouwen zijn voor de huishouding;
∑ je moet zo veel mogelijk kinderen krijgen;
∑ je hoort in de vrijgemaakte kerk thuis;
∑ op je achttiende ben je aan belijdenis toe;
∑ je moet graag twee keer per zondag naar de kerk;
∑ homofilie is zondig;
∑ en ga zo maar door.
Als je dat voor waar aanneemt komt er een moment waarop je er wel zelf over na gaat denken en andere opvattingen ontwikkelt. Je merkt, zou je kunnen zeggen, dat de vroegere opvattingen niet geassimileerd waren, dus niet echt van jou zijn. Je gedragen ‘zoals het hoort’ zonder er met je hart bij te zijn, veroorzaakt ook blokkades in de relaties met mensen en God; je bent niet echt. Je merkt dat het in het leven en in de relatie met God niet gaat zoals het 'hoort te gaan', met alle schuldgevoel en faalgevoel van dien. Een echte persoonlijke relatie is er dan niet, je ‘gedraagt je’.

Als therapeut wordt ik regelmatig geconfronteerd met moeiten die mensen hebben in hun relatie met God of met hun geloof. Vaak blijkt dan dat zij het zichzelf moeilijk maken door hun eigen opvattingen, introjecten, ervaringen, onbewust, te plaatsen tussen zichzelf en God. Een van die opvattingen is nogal eens dat ‘als je goed gelooft en veel bidt, je problemen vanzelf oplossen’ of ‘als je echt op God vertrouwt, komt alles goed en hoef je niet in therapie’. Dit soort opvattingen, ik noem ze liever misleidingen en ontkenningen, wekken de indruk dat we (bijna) volmaakt kunnen worden… als het goed is.
Bovendien leven we in een maakbare wereld, alles wat we willen hebben, is te koop: goedkope hypotheken, een brommer, een mobieltje, zelfvertrouwen, vertrouwen op God, digitale camera’s, onderlinge betrokkenheid enz. enz. Is het niet voor geld dan wel dankzij veel inspanning. Dit is volgens mij een van de grootste misvattingen van deze tijd. Niet alles is te koop, mensen zijn feilbare wezens en zullen dat blijven. We schieten tekort, we zitten ernaast, we vergissen ons, we maken fouten en dat zal blijven. Deprimerend? Nee: juist als je ervan uitgaat dat dit niet verkeerd is maar een gezond gegeven waar God als enige door heen kan kijken, Het stemt juist tot berusting, ontspanning: al die inspanning hoeft niet.
Overigens is het vaak zo dat diegene die zo aandringt op de zogenaamde ‘volmaking’ zijn eigen onvolmaaktheid niet belijdt. En dat is niet eerlijk.

Het hoort zo

Als laatste obstakel in de relatie met God wil ik noemen; het praten over hoe het hoort in plaats van over hoe het is. Ik vind het werkelijk verbluffend hoe goed mensen erin zijn om niet kwetsbaar te zijn, door te praten over hoe het hoort. Dat zou toch niet mogen, je hebt God toch, als het goed is dan…, ja maar, je weet toch wel. Depressief? Je hebt je geloof toch? Vind je ook niet dat we eigenlijk niet…., waar moet dat heen… enz. enz. Ik weet niet hoe het u vergaat maar als ik iets over mezelf vertel en anderen reageren er zo op, dan haak ik af, ik voel me dan niet begrepen, of ik ga de strijd aan; ik zorg ervoor dat ik alsnog wordt begrepen. Echt contact ontstaat zo niet maar het helpt wel je schuldig en falend te voelen. Opnieuw constateer je: ik doe het/iets niet goed, zoals hij gelooft kan ik dat niet en daar gaat jouw persoonlijke ervaring met jouw persoonlijke God.
Je kunt het niet goed doen.

Verwarring

Een laatste opmerking over blokkades in de persoonlijke relatie met God.
Nederland, waar de vrijgemaakte kerk ook een deel van is, is in verwarring, zekerheden vallen weg, nieuwe inzichten, ontwikkelingen en ervaringen komen op.
Boeken over spirituele en theologische ervaringen zijn in; vooral uit Amerika. Veel mensen die in verwarring zijn herkennen zich in verschillende schrijvers die hun ervaringen geloofwaardig en herkenbaar weten te formuleren. Vanuit een verlangen proberen veel lezers deze schrijvers in hun leefstijl te imiteren om vervolgens te ontdekken dat het niet of slechts tijdelijk lukt. Ook dat kan weer een reden zijn te ervaren of te vinden dat je 'het' niet goed doet, niet zo voelt of ervaart zoals de schrijver of anderen. Weer gefaald? Wat doe ik nu weer verkeerd? Nee, stel hooguit vast dat dit niet bij jou past. Goedbedoelde maar vaak ook tijdelijk goed voelende literatuur. Laat het niet van schrijvers, hoe boeiend sommigen ook zijn, afhangen. Gun jezelf de ruimte persoonlijk en uniek te zijn.
Het schrijven over dit onderwerp gaat me zo goed af dat ik nog wel een paar pagina’s verder kan, maar ik ben in verband met mijn opdracht gebonden aan een omvangrijke beperking. Ik laat het hier dus bij.

Tot slot

Tot slot wil ik iets zeggen over wat ik waardevol vind om bij stil te staan:
als we werkelijk contact wensen, werkt praten over hoe het is verbindend, ook over wat er op het gebied van Gods ervaringen en geloof en de strijd die we daarmee hebben. Op die manier kunnen we elkaar begrijpen. Alleen maar praten over hoe het hoort, schept afstand en vervreemding, ook op het gebied van Gods ervaring en geloof.
Durf eens verder te kijken dan je eigen bekende straatje als je werkelijk iemand wilt begrijpen, stel je eens open voor ‘andersdenkenden’ zonder dat jezelf oplegt het eens te moeten worden met elkaar. Toon eens echte belangstelling in plaats van oplossingen aan te dragen. Durf eens werkelijk zelf verantwoordelijkheid te nemen voor je eigen gedachten, overtuigingen en beelden met betrekking tot God, zonder deze direct anderen te willen opleggen. Ik weet het, het is makkelijk praten, doen is moeilijker. Klopt, maar het draagt, als je het blijft proberen, echt bij tot het elkaar beter begrijpen, tot tolerantie, tot vertrouwen.
Zou niet daarin ook beter Gods onvoorwaardelijke liefde weerspiegeld worden? God die niet zegt: je mag met alles bij mij komen, maar niet…. Maar die zegt: leg AL je bekommernissen maar bij mij neer, Ik zorg wel voor je. AL je bekommernissen, dus ook je strijd, je ongeloof, je tekortschieten, je vallen en opstaan, je zonde, je vreugde, je verlangen enz. Hoe dan ook Ik zorg wel voor je. Ik blijf van je houden. Ik ben niet uit op straf maar op jou, op jouw behoud, daar hoef je niets voor te doen, daarvoor BEN IK. Lees ook eens zo de parabel van de ‘verloren’ zoon.
Zoals u al begrepen had, heb ik geen oplossingen aangedragen voor een ‘perfecte’ persoonlijke relatie met God. God is te groot voor ons. Wij zijn feilbare maar geliefde mensen, feilbaar ook in onze persoonlijke relatie met God maar daardoor niet minder geliefd door Hem!

Assen, Hans Roosenbrand